home

contact  login
zoeken
zoeken

Schakkebroek 

Het ancien régime

Tot het einde van de 18de eeuw besloeg de jurisdictie Herk op de eerste plaats de stad, bestaande uit het deel binnen de wallen en de buitinghe, en op de tweede plaats vijf buitenkwartieren of heerwagens. Die werden bestuurd door jaarlijks verkozen wagenmeesters. Zo  werd bijvoorbeeld in 1678 een overeenkomst gesloten of “Act van accoordt ende repartitie tusschen de stadt Herck en die vijff onderhoorende wagens Opphem, Scackenbrouck, Wijer, Donck ende Diepenpoel met appenditien…”    Schakkebroek was inderdaad een wagen op zich maar Terbemelen was bij Diepenpoel gevoegd. Toch eigenaardig dat net die twee delen met elkaar verbonden werden want Terbemelen grensde zelfs niet aan Diepenpoel! Waarschijnlijk waren zij allebei schaars bewoond en dus mochten zij gezamenlijk de gevraagde buitengewone belastingen betalen die de stad Herk op dat ogenblik eiste.[2]

Wanneer dus in mei 1644 een schuttersgilde werd opgericht in  Scackenbrouck sloeg die plaatsnaam niet op het huidige Schakkebroek. Hetzelfde gold voor de rentecreatie ten voordele van de Sint-Sebastiaensgilde in Schackebrouck, op 5 april 1745.

Ook voor wat betreft de geschiedenis van het Munninckxhoff[3] lezen we in een document van 1628 : ”…Haubrecht Bogaerts wenne van ons winninghoff genaempt dan Munninckshoff tot Schaekenbrouck gelegen”.

Vanaf 1795
Je begrijpt dat het Schakkebroek uit voornoemde documenten qua oppervlakte en begrenzing niet overeen kwam met het huidige Schakkebroek. Nadat de Fransen ons grondgebied bezetten in 1794, verdeelden ze in augustus 1795 ons land in departementen die verder werden onderverdeeld in arrondissementen, kantons en gemeentes. De gemeente Herk kreeg Schakkebroek-Terbemelen als gehucht, terwijl Oppem en Diepenpoel  wijken werden van het nieuwe Herck-la-Ville. Donk en Wijer werden daarentegen zelfstandige gemeenten. Waarom die beslissing? We kennen het antwoord op die vraag voorlopig nog niet.

De 19de eeuw
Wat weten we dan wel over het 19de eeuwse Schakkebroek? Hier volgen twee verwijzingen naar het gehucht uit een tekst van 1828, opgesteld bij gelegenheid van afpalingen die het kadaster voorbereidden: “De hoofdplaats  (Herk) bevat 88 huizen waarvan er eenige zeer goed gebouwd zijn. Het gehucht Schakkebroek is ook nogal volkrijk maar er bevinden zich niets dan gewoone landbouwerswooningen. Dat van Terbemelen is weinig beduidend.” 

Elders wordt in diezelfde bundel een woning in Schakkebroek gehugt beschreven: “Een klein pagthof van hout & leem, gedekt met pannen, hebbende twee kamers en kleine aenhorigheden tot den landbouw noodig.” [4]

We onderzochten hoe de zaken evolueerden in het bevolkingsregister van 1847-1856.[5] Voor Schaekenbrouk telden we 76 huizen waarin 80 gezinnen leefden: 39 landbouwers, 33 dagloners, twee klompenmakers, twee cuypers, een schoenlapper, een smid, een onderwijzer en een koopman in vee. Van de landbouwers waren er 16 gezinnen die inwonende knechten en meiden hadden, wat erop wijst dat het daar welstellende boeren betrof.  Voor Terbemelen vonden we 52 huizen waarin 53 gezinnen woonden. Daarvan waren er 30 landbouwers en 19 dagloners; daarnaast één slagter, een timmerman en een timmermansgast. Eén landbouwer hield als bijberoep een herberg en eentje was ook timmermansgast. In slechts zeven families van landbouwers was er een knecht of/en een meid. Daarbij waren in twee gezinnen van dagloners  één of twee zoons soldaat geworden. We kunnen gissen naar de reden van hun dienstneming en we weten niets over hun positie in het sinds enkele decennia opgericht Belgisch leger.

Op ca. 20 jaar tijd was dus het aantal huizen/gezinnen in beide wijken aanzienlijk gegroeid. Het verschil tussen de wijk Schakkebroek en de wijk Terbemelen is duidelijk: Terbemelen telde minder inwoners, minder zelfstandige beroepen, een hoger percentage dagloners; met andere woorden: minder welstand.

In Terbermen ontwikkelde zich officieus in het bosrijk[6], zuid-oostelijk gebied een wijk die de naam Nonnekerkhof kreeg. Tot nu toe is niemand erin geslaagd een verklaring te geven voor de naam vermits er noch een kerkhof noch “nonnen” teruggevonden werden in het verleden van Schakkebroek. Werk voor toekomstige nieuwsgierige, geschiedenisminnende Schakkebroekenaren die tijd zouden steken in een degelijke studie van hun Schakkebroek!

Besluit
Ondertussen is het algemeen aanvaard dat het gehucht Schakkebroek/Terbermen-Nonnekerkhof zich begin 20ste eeuw ten volle begon te ontplooien. Sinds 1905 konden ze naar hun eigen school en sinds 1909 naar hun eigen kerk. Het gehucht kreeg een eigen identiteit en begon aan zijn emancipatie zodat het zich uiteindelijk op geen enkel gebied de mindere moest voelen van de hoofdplaats Herk of van de omliggende gemeenten. De naam Schakkebroek begon op de twee samengevoegde wijken te slaan en de inwoners waren en zijn er fier op dat ze van Schakkebroek zijn!

November 2009

Voor de Geschiedkundige Kring Groot-Herk
Annie Leemans

[1]  informatie uit het werk van Dr. J. Molemans “De stad Herk en haar vijf buitenkwartieren, een verbroken eenheid in de 18de en 19de eeuw”; de meeste documenten waar dit werk op steunt bevinden zich in het rijksarchief in Hasselt.

[2] Ieder kwartier betaalde 1/6de van die buitengewone lasten.

[3] De hoeve Monnikenhof was in het ancien régime eigendom van de zusters cisterciënzerinnen van de abdij van Oriënten in Rummen. Vanaf 1870 tot 1920  geven de bevolkingsregisters aan dat de hoeve in de wijk Schakkenbroek ligt, Weyerstraat 8. In het register  1921-1930 vinden we plots diezelfde hoeve in de wijk Oppum, Kiezelweg 24. De grens tussen Herk en Schakkebroek was blijkbaar verschoven!!

[4] uit “Proces-verbaal van afpaling van het kadaster…”, rijksarchief Hasselt

[5]  informatie uit het werk van Dr. J. Molemans “De stad Herk en haar vijf buitenkwartieren, een verbroken eenheid in de 18de en 19de eeuw”; de meeste documenten waar dit werk op steunt bevinden zich in het rijksarchief in Hasselt.

[5] Ieder kwartier betaalde 1/6de van die buitengewone lasten.

[5] De hoeve Monnikenhof was in het ancien régime eigendom van de zusters cisterciënzerinnen van de abdij van Oriënten in Rummen. Vanaf 1870 tot 1920  geven de bevolkingsregisters aan dat de hoeve in de wijk Schakkenbroek ligt, Weyerstraat 8. In het register  1921-1930 vinden we plots diezelfde hoeve in de wijk Oppum, Kiezelweg 24. De grens tussen Herk en Schakkebroek was blijkbaar verschoven!! [5] uit “Proces-verbaal van afpaling van het kadaster…”, rijksarchief Hasselt [5] bevolkingsregisters, tellingen van 1847-1856, boek 1: Diepenpoel en Terbemelen; boek 3: Oppum en Schaekenbrouk, stadhuis Herk-de-Stad

[6] Op een kaart van 1747 is gans het zuidelijk gebied van Terbemelen bos.